Blog / 5 juni '19 / Landelijk

Arno van der Veen

Wij eisen onze wereld op

De tekst van deze toespraak sprak Arno van der Veen uit op de algemene ledenvergadering van 2 juni 2019 nadat hij tot de nieuwe voorzitter van ROOD werd verkozen. 

Wij eisen onze wereld op

We leven in een wereld waarin het collectief in veler ogen niet bestaat. Een westerse wereld die sinds de jaren ’80 wordt beheerst door het neoliberalisme. Toen de Berlijnse muur viel, leek het ‘gevaar van de rode revolutie’ geweken en kon het grote geld internationaal haar vrije gang gaan. Gedurende de jaren stegen de winsten van grote bedrijven enorm, maar bleven de lonen achter. De macht van het grote geld werd groter en de zeggenschap van mensen werd minder. Sociale zekerheden verdwenen. Ons deel van de koek werden kruimels. Daarmee werd het ieder voor zich om die te sprokkelen. Het waren de economische omstandigheden die mensen veranderden, van buren naar concurrenten van elkaar.

We moeten met elkaar concurreren in het onderwijs. Het volgen van onderwijs kost namelijk geld, een bak geld. Een gemiddelde student heeft aan het einde van zijn of haar opleiding 24.000 euro schuld. De enige manier om met minder schuld te eindigen, stages en daarna een ‘goede’ baan te vinden is door zo snel mogelijk door je studie heen te gaan en zo hoog mogelijke cijfers te halen. Door beter te zijn dan de ander. We moeten met elkaar concurreren in ons werk. Vier van de vijf uitgegeven contracten onder jongeren zijn onzekere contracten: tijdelijke contracten met wisselende uren. Met andere woorden, je bent afhankelijk van je werkgever wanneer je werkt, of je werkt en welk bedrag je aan het einde van de maand op je rekening hebt staan. En wil je in vaste dienst? Dat kan, door beter te zijn dan de ander. En we moeten met elkaar concurreren om normaal te kunnen wonen. De woningnood is enorm, de huren stijgen jaar na jaar en in de meeste steden is de wachtlijst voor een betaalbare woning gigantisch. Wil je een goede woning? Dat kan, door meer te hébben dan een ander. En dat staat in deze ieder-voor-zich wereld gelijk aan het beter zijn dan een ander.  

We worden tegen elkaar opgezet. Als individu tegen individu en ook als groep tegen groep. Hoe meer schaarste, hoe harder de strijd. Het is rechts en extreem rechts dat daar hand in hand met het grote geld misbruik van maakt en die schaarste verzint. Alle problemen komen volgens hen door ‘de ander’, die het liefst zo min mogelijk op ons lijkt. En dat werkt, discriminatie en uitsluiting is aan de orde van de dag op alle plekken in onze maatschappij waar concurrentie bestaat. In het onderwijs, bij het niet kunnen vinden van een stageplek. In ons werk en bij het vinden van een woning, waar uitzendbureaus en makelaars op grote schaal discrimineren op bestelling. Dat zien we ook op wereldwijde schaal. Al ruim 17 jaar voeren we een Permanente Oorlog in het Midden-Oosten, waar onder het mom van het gevaar van ‘de ander’ landen worden verwoest en mensen op de vlucht moeten slaan. En waar twee honden vechten om één been, gaat de derde er mee heen. De rijken worden jaar na jaar rijker, afgelopen jaar steeg het bezit van de 2208 miljardairs wereldwijd met 2,5 miljard dollar per dag. De 26 rijksten bezitten samen evenveel als de armste helft van de bevolking wereldwijd.

Waar rechts graag wijst naar anderen, wijzen wij naar het systeem dat dit mogelijk maakt. Waar rechts wijst op schijntegenstellingen, wijzen wij naar dé tegenstelling. Die tussen arbeid en kapitaal. Tussen mensen die werken voor hun geld, en mensen die geld verdienen met ons werk. Dat doen we alleen door samen op te staan. Door jongeren samen te brengen. Door samen in actie te komen en solidariteit tussen elkaar organiseren. Door gezamenlijk zeggenschap te pakken en onze eigen omgeving te veranderen. Op lokaal, nationaal en internationaal niveau. Door van ieder probleem niet een probleem van het individu of de schuld van de ander, maar het een probleem en de schuld van het systeem te maken.

Er is maar schaarste aan één ding in onze wereld, dat is de wereld zelf. En onze aardbol is precies hetgeen wat het kapitalisme stuk maakt. Klimaatverandering komt door het kapitalisme. Daar staan wij tegen op. Niet door korter te douchen, of te zeggen dat wetenschappers maar een stel idioten zijn die ons geld willen stelen. Maar door op te staan tegen dat kapitalisme, zeggenschap op te eisen en daarmee ook te eisen om de grote vervuilers wereldwijd in publieke handen te nemen. Als we zeggen dat ons bewustzijn voortkomt uit onze omgeving, zullen we moeten zorgen dat wij in ieder geval zelf gaan over onze omgeving. En daarin staat ons een zware taak te wachten de komende tijd, maar er is hoop. Alleen al in de afgelopen maanden zagen we vele duizenden en veelal jongeren in actie komen voor ons onderwijs, een beter klimaat en tegen uitsluiting. Lokaal kwamen jongeren in actie tegen hun huisbazen, voor huisvesting van studenten, voor beter openbaar vervoer en poppodia.

En successen boeken we, hoewel we dat soms zelfs niet door hebben. De verhoging van de rente op studieschulden is tegengehouden. Flexwerk wordt teruggedrongen. Schoolkosten zijn verboden geworden. De druk op multinationals en overheden om daadwerkelijk iets te doen aan het klimaat groeit. Alles was er niet gekomen zonder druk, mede door ons georganiseerd. De komende jaren gaan wij die druk verder opbouwen. Niet voor wat grotere kruimels van de koek, niet voor de koek in zijn geheel. Wij eisen de koekjesfabriek. Wij eisen onze wereld op.