Blog / 25 september '18 / Landelijk

Lisa de Leeuw

Studentenvakbond, waartoe ben je op aard?

Gisteren kwam naar buiten dat Geertje Hulzebos is opgestapt als voorzitter van de Landelijke Studentenvakbond (LSVb): “Ze hebben me eruit gewerkt”. De rest van het bestuur zou haar activistische instelling niet hebben kunnen accepteren. Een groot verlies voor studenten en een symptoom van het tandeloze, lobbyende overlegorgaan dat de studentenvakbond is geworden.

De Landelijke Studentenvakbond is opgericht in 1983 en volgens hun visie vertegenwoordigen ze de belangen van studenten in heel Nederland. Maar is dat daadwerkelijk het geval? Eind augustus gaf Hulzebos een interview aan dagblad Trouw, waarin ze de bezuinigingen op het Hoger Onderwijs ‘om te janken’ noemde. Een terechte uitspraak als je het mij vraagt, want al decennialang wordt er bezuinigd op het Hoger Onderwijs. De kwaliteit en toegankelijkheid staan sterk onder druk, mede door de invoering van het schuldenstelsel in 2015.

Echt opkomen voor de belangen van studenten betekent dan ook dat je deze bezuinigingen als studentenvakbond op zijn minst ‘om te janken’ noemt. Want wanneer de minister beslissingen neemt die tegen de belangen van de studenten ingaan, is het je plicht als studentenvakbond om wél pal voor hun belangen te staan. Hiervoor hoef je de minister niet met fluwelen handschoentjes aan te pakken, want daar bereik je niks mee. Hulzebos zegt daar zelf over: ‘ik vind dat we blij moeten zijn als de minister zit te zweten. Daar zijn we als vakbond toch voor?’. Dat vind ik ook. Maar een kritische vakbond, daar houdt de minister niet van. Dat is lastig. Na het interview in Trouw werd de LSVb dan ook onmiddellijk op het matje geroepen. Bi-zar. Hoe kan de directe invloed van de minister op de studentenvakbond zo groot zijn?

Een van de fundamentele problemen die hieronder ligt, is volgens mij het feit dat de LSVb een forse subsidie krijgt van het ministerie van Onderwijs en bestuursleden van de vakbond ook hun bestuursbeurs via die weg ontvangen. Bij het opzoeken van confrontatie met de minister staat er dan heel wat op het spel en dat maakt de vakbond tandeloos. Het zorgt voor een focus op lobby en overleg. Maar tegelijkertijd komen grote sociale veranderingen (die hoognodig zijn in het onderwijs en de publieke sector als geheel) niet in overleg met de tegenstander, maar met een grote beweging van mensen die zegt: tot hier en niet verder. Geen onsje meer of minder, maar de hele weegschaal.

Geertje Hulzebos staat wat mij betreft symbool voor dit alles. Zij maakte deze analyse en legde dit probleem bloot, maar werd er uitgewerkt omdat zij een daadwerkelijke bedreiging vormde voor de bestaande macht. Het is om je de ballen uit je broek te schamen. Het wordt tijd dat de studentenvakbond weer een echte vakbond wordt. Die studenten organiseert, de druk opvoert en zo rechten voor studenten afdwingt. En niet bestaat uit een paar bestuursleden, die in achterkamertjes bij de minister op schoot zogenaamd opkomen voor de belangen van studenten.